Rural sketching versus urban sketching – van stadse dynamiek naar de stilte van het landschap
Door Ed Burgwal – Gallery Blossom

Een schetsboek, een fineliner, wat aquarel en een plek die mijn aandacht trekt. Meer heb ik eigenlijk niet nodig. Jarenlang associeerde ik het tekenen op locatie vooral met urban sketching: pleinen, kerken, stations, gevels en straten. Maar wat gebeurt er wanneer je de stad achter je laat?
Dan verandert niet alleen het onderwerp. Ook je manier van kijken verandert.
Welkom bij rural sketching: tekenen tussen boerderijen, velden, bomen, dijken en kleine dorpen. Waar urban sketching draait om het ritme van de stad, gaat rural sketching voor mij veel meer over ruimte, stilte en vertraging.
En toch hebben beide één belangrijk ding gemeen: je tekent niet alleen wat je ziet. Je probeert vooral vast te leggen wat een plek met je doet.
Urban sketching: midden in het leven
Urban sketching betekent voor mij midden in de omgeving zitten. Niet achteraf vanuit een foto werken, maar daadwerkelijk aanwezig zijn.
Je hoort fietsen voorbijrijden. Mensen lopen door je compositie. Een vrachtwagen parkeert precies voor die prachtige gevel die je net wilde tekenen. Op het terras naast je worden kopjes neergezet en ondertussen verandert het zonlicht voortdurend.
Dat hoort erbij.
Sterker nog: het maakt de tekening.
Een urban sketch is daardoor nooit alleen een registratie van architectuur. De omstandigheden sijpelen als het ware het papier in. Mijn lijnen reageren op de drukte, het licht en de energie van een plek.
Een gebouw hoeft daarbij van mij niet technisch perfect te worden weergegeven. Ik zoek naar karakter. Soms vergroot ik een lijn, laat ik een perspectief bewust een beetje ontsporen of geef ik een gevel meer kleur dan hij in werkelijkheid heeft.
Want ik teken niet alleen wat mijn ogen waarnemen.
Ik teken mijn ervaring van die plek.
En dan ineens: stilte
Buiten de stad gebeurt iets anders.
Je zet je spullen neer aan de rand van een weiland. Voor je staat misschien een oude schuur. Een rij bomen verdwijnt richting de horizon. Er loopt een weggetje door het landschap en ergens in de verte staat een boerderij.
Geen monumentale kathedraal.
Geen ingewikkelde gevel.
Geen plein vol mensen.
En toch is er ongelooflijk veel te tekenen.
Dat is voor mij de aantrekkingskracht van rural sketching.
Je wordt gedwongen anders te kijken.
Rural sketching: de kunst van het weglaten
In een stedelijke omgeving krijg je als tekenaar vaak bijna te veel informatie aangeboden. Ramen, deuren, verkeersborden, terrassen, dakgoten, mensen, auto’s en straatmeubilair strijden allemaal om aandacht.
In het landschap lijkt aanvankelijk veel minder te gebeuren.
Maar kijk langer en er verschijnt een compleet andere wereld.
Je ontdekt de richting waarin het gras groeit. De grillige vorm van een boom. Het verschil tussen een akker in de zon en een strook land onder een wolk. Een schuur die met drie eenvoudige lijnen ineens precies genoeg informatie bevat.
Rural sketching vraagt daarom om durven weglaten.
Je hoeft niet ieder grassprietje te tekenen om een weiland te laten voelen als een weiland.
Een paar lijnen kunnen genoeg zijn.
Een transparante groene aquarelvlek kan een heel landschap suggereren.
De horizon krijgt ineens een hoofdrol
Een ander fascinerend verschil is de horizon.
In de stad wordt mijn blik voortdurend onderbroken door gebouwen. Verticale lijnen bepalen voor een belangrijk deel de compositie.
In het landschap krijgt de horizontale lijn veel meer betekenis.
Waar plaats je hem?
Hoog, waardoor de voorgrond belangrijk wordt?
Of juist laag, zodat een enorme lucht het schilderij gaat domineren?
Een simpele keuze kan de hele emotie van een rural sketch veranderen.
Een lage horizon kan een gevoel van vrijheid oproepen. Een donkere wolkenlucht boven een klein boerderijtje kan juist iets kwetsbaars krijgen.
Dat maakt landschap tekenen voor mij interessant: ruimte wordt een artistiek materiaal.
Andere lijnen, andere energie
Wanneer ik mijn urban sketches en rural sketches naast elkaar leg, zie ik dat mijn hand anders beweegt.
In de stad zijn mijn lijnen vaak krachtiger en hoekiger. Architectuur vraagt om richting. Verticalen, perspectieflijnen en gevelritmes geven structuur.
Op het platteland wordt mijn hand losser.
Een boom laat zich niet vangen in een rechte lijn. Een heg hoeft niet perfect begrensd te worden. Een wolk al helemaal niet.
De lijn gaat zoeken.
En juist dat zoeken vind ik heerlijk.
Aquarel doet de rest
Ook mijn gebruik van aquarel verandert.
Bij een stadsgezicht kan kleur een gevel accentueren of helpen om licht en schaduw duidelijk van elkaar te scheiden.
In een landschap gebruik ik aquarel vaker om atmosfeer te maken.
Een natte penseelstreek wordt een lucht.
Een transparante groene vlek wordt een weiland.
Een beetje oker suggereert zonlicht op een akker.
En soms laat ik het water bewust zijn eigen weg zoeken.
Dat onverwachte past prachtig bij het landschap. De natuur trekt zich tenslotte ook weinig aan van rechte lijnen.
Wat is leuker: rural of urban sketching?
Gelukkig hoef ik niet te kiezen.
Urban sketching geeft mij de energie van de stad. Het daagt me uit met perspectief, architectuur, mensen en onverwachte situaties.
Rural sketching geeft mij iets anders: rust.
Het dwingt me om nog beter te kijken naar licht, ruimte, ritme en kleur.
Bij het ene hoor ik de stad om me heen.
Bij het andere hoor ik misschien alleen vogels en de wind.
Maar in beide gevallen gebeurt uiteindelijk hetzelfde.
Ik zit ergens.
Ik kijk.
Ik zet mijn pen op papier.
En langzaam verdwijnt de wereld om me heen.
Je hoeft niet ver te reizen
Misschien is dat wel het mooiste aan deze manier van tekenen. Je hebt geen spectaculaire bestemming nodig.
Voor urban sketching kan de straat om de hoek interessant genoeg zijn. Voor rural sketching hoeft het landschap evenmin spectaculair te zijn.
Een oude schuur kan genoeg zijn.
Een rij knotwilgen.
Een landweg.
Een klein dorp.
Het bijzondere zit niet noodzakelijk in de plek. Het ontstaat door de aandacht die je eraan geeft.
Een tekening als herinnering
Wanneer ik later door mijn schetsboeken blader, herinner ik me veel meer dan wanneer ik door honderden foto’s op mijn telefoon scroll.
Ik weet vaak nog waar ik zat.
Hoe warm het was.
Waar het licht vandaan kwam.
Of de wind mijn papier bijna meenam.
En soms zelfs wat er om me heen gebeurde.
Dat is voor mij de werkelijke kracht van tekenen op locatie.
Een foto vertelt me hoe iets eruitzag.
Een schets brengt me terug naar hoe het voelde.
Van stad naar landschap – blijf vooral tekenen
Dus neem de volgende keer dat je gaat tekenen eens bewust een andere afslag.
Ben je gewend om gebouwen te tekenen? Zoek een landschap op.
Teken je normaal bomen, velden en boerderijen? Ga midden op een druk plein zitten.
Waarschijnlijk merk je dat je hand zich moet aanpassen. Je kijkt anders. Je maakt andere fouten. Je ontdekt nieuwe mogelijkheden.
En precies daarin zit het plezier.
Urban sketching en rural sketching zijn voor mij uiteindelijk geen tegenpolen. Het zijn twee manieren om hetzelfde te doen:
stilstaan bij een plek die normaal gewoon aan je voorbij zou gaan.
De ene keer tussen steen, glas en voorbijgangers.
De andere keer tussen gras, bomen en een eindeloze lucht.
Maar altijd met datzelfde schetsboek op schoot.
En die eerste lijn die zegt:
hier was ik.